De Heilende Kracht van Geluid

By Jill Purce
Dutch Translation of Sound in Mind and Body
Bres, No. 120, Oct-Nov 1986, Singel 376, 1016 AH, Amsterdam, Holland

Je stem: je kunt er opera’s mee zingen en het nieuws mee voorlezen. Maar: als geluidsbron voor het opwekken van klanken die de zintuigen op een hoger niveau tillen krijgt de stem een extra dimensie. Jill Purce laat zelfs zien dat het niet zo moeilijk is om geluid als ‘transformatiemedium’ te ge-bruiken. De nieuwe benutting van een oeroude traditie.

Mijn speciale belangstelling voor geluid is waarschijnlijk al ontstaan toen ik nog in de baarmoeder zat, want mijn moeder was pianiste en mijn vader was arts. De helende en transformatieve kracht ervan boeien mij het meest. De eerste impuls voor het werken met geluid kreeg ik toen ik de foto’s zag van het foto- en filmwerk van HANS JENNY, een Zwitserse ingenieur die door het werk van RUDOLF STEINER beinvloed werd.

Hij wilde het effect van geluid op materie laten zien en beschouwde dit als zijn levenstaak. Hij probeerde op uiteenlopende manieren te demonstreren wat er met materie gebeurt als je het door geluid laat vibreren. Hij gebruikte allerlei substanties, met name vloeistoffen, pasta’s en fijne poeders en liet er verschillende geluiden op inwerken. Terwijl hij deze experimenten uitvoerde, ontstonden er bepaalde structuren. Ik zag een hoeveelheid materie zonder bepaalde vorm de nauwkeurige en subtiele patronen (die je ook in de natuur vindt) aannemen zodra geluid er op inwerkte. Hoe langer het geluid aanhield, des te fijner deze patronen werden. Als Jenny andere materie of een ander geluid gebruikte, veranderden de patronen ook. Dit was buitengewoon belangrijk.

Als materie onder invloed van geluid bepaalde vormen of patronen kan produceren dan is geluid iets heel belangrijks. Dit inspireerde mij tot mijn onderzoek. Ik las alle traditionele literatuur en realiseerde me dat dit thans in veel tradities bekend is en dat geluid als een sterke, universele kracht beschouwd wordt.

Schepping door Geluid

Toen ik de verschillende tradities begon te bekijken, ontdekte ik dat ook bij ver van elkaar verwijderde volken hetzelfde idee leeft, namelijk dat de hele wereld door geluid is ontstaan (en dat proces zou nog steeds gaande zijn). Met andere woorden: in het leven geroepen worden is een ‘Sonische’ gebeurtenis. Deze overtuiging tref je in het Oosten en in het Westen aan. Je kunt dit als een beeldspraak voor een vibrerend universum zien. De mens heeft altijd al geweten dat elk ding in de wereld een identiteit heeft door de ritmische regelmaat van de beweging van het geheel; daardoor is het een gescheiden van het ander, en heeft alles een bepaalde vorm.

In het Evangelie van Johannes staat geschreven: ‘In het begin was het Woord, en het Woord was God, en het Woord was bij God’. In de Hindoetraditie vindt men bijna identieke woorden: niet alleen het begin als geluid, maar zelfs als taal. In deze tradities is het begin niet alleen door geluid en woord ontstaan, maar door het toekennen van namen - zoals in de Bijbel, als Adam alles een naam geeft. Als je iets een naam geeft, heeft het een aparte identiteit omdat het die naam heeft en geen andere, waardoor het iets ‘herkenbaars’ is. Dit is het begin van de taal en de gedachte. Je ziet dus schepping door vibratie, en schepping door taal. Als je de wereld wilt technologiseren, is taal (en dus differentiatie) nodig, maar als je in het hier en nu wilt zijn, moet je in staat zijn het naamgeven en de taal tijdelijk uit te schakelen.

Als wij bijvoorbeeld naar een boom kijken, zeggen we gewoonlijk ‘boom’ in onszelf. Zodra we op deze manier de taal uitschakelen, gaat die met ons op de loop en herinneren we ons plotseling dat we gisteren iets vergeten hebben en daarom morgen iets zullen doen, enz.: we laten het innerlijk geklets de vrije teugel, of we roepen oude of nieuwe associaties met een boom op. Zodra je iets benoemt word je in de tijd geworpen. Je kunt niets benoemen zonder daardoor in het verleden of in de toekomst te zijn. Als je niet in de tijd wilt zijn, in de zin van verleden of toekomst, maar in een waarneembaar kontakt met het ‘boom-zijn’, dan kan dat alleen door het niet zo ver te laten komen dat je hem boom noemt, waardoor je hem als een voorwerp van je afschuift. De mens heeft verschillende manieren bedacht om het bewustzijn te slim af te zijn, om het ‘boomzijn’ te kunnen waarnemen.

We moeten de verbale bekwaamheid die ons sinds de geboorte is aangeleerd en waar we veel plezier van hebben, weer leren uitschakelen. Je moet er gebruik van kunnen maken als je dat wilt, en het niet gebruiken als je dat niet wilt. Sonische yogas zijn precies met dit doel ontwikkeld. Ze ‘versplinteren’ de aandacht door er zoveel aktiviteit aan te geven dat je vergeet na te denken: daardoor creeren ze een gesloten circuit van aandacht. Door je stem te gebruiken en tegelijkertijd te luisteren naar het geluid dat je maakt, valt het dualisme van de taal, de scheiding tussen jezelf en de wereld, weg. Door te zien dat iets van onszelf verschilt, en dat dat andere dan ook verschilt van weer iets anders, ontstaat differentiatie en daardoor taal. In alle tradities probeert men de scheiding tussen ons en niet-ons te overbruggen om een geheel te kunnen vormen. Geluid is een van de meest effectieve middelen om de scheiding weer op te heffen.

Een Levende Traditie

De Magische en helende kwaliteiten van geluid waren in de oudheid algemeen bekend. De Egyptenaren, de Grieken, de Chinezen en vooral de Indiers waren ervan op de hoogte. Ik wilde graag weten in welke tradities dit nog leefde. En zo kwam ik er toe verschillende tradities te bestuderen. Bij de Tibetanen bleek het juiste begrip van het gebruik van geluid en stem bewaard te zijn gebleven. Dit kwam door de bijzondere situatie in Tibet waar de middeleeuwse Tibetaanse cultuur nog onveranderd kon voortbestaan. Vroeger bestond er in onze eigen spirituele cultuur een zekere overeenkomst met Tibet, toen kluizenaars in grotten opmerkelijke wonderen verrichtten, maar dit is -natuurlijk- helemaal verloren gegaan door de eeuw van de zogenaamde verlichting. De traditie leeft echter nog steeds voort in Tibet. Misschien komt dat door haar geografische ligging of misschien heeft het iets de maken met de zeldzame atmosfeer van de hoge Himalayas. In Tibet heeft men eeuwenlang een hoog ontwikkelde wetenschap van de geest in praktijk gebracht. In de Tibetaanse taal bestaan een groot aantal woorden die op de een of andere manier ‘geest’ betekenen. Generatie op generatie werd de geest bestudeerd.

De Tibetanen spreken op drie manieren over de mens, namelijk over het lichaam, de stem en de geest, die respectievelijk in het hoofd, in de keel en in het hart gelokaliseerd zijn. De Tibetanen leggen geen verband tussen de geest en de hersenen zoals in het Westen. Voor hen is de stem een intermediair tussen het subtiele rijk van de geest en het fysieke gebied van het lichaam. De stem wordt gezien als een brug tussen het materiele en het immateriele. Spraak, stem, geluid en verfijnde ademhaling of prana zijn allemaal met elkaar verbonden.

Niet alleen de Tibetanen beschouwen geluid als een brug; het is een zeer algemeen idee. Geluid is bijvoorbeeld vaak, via de mens, intermediair voor het ‘omzetten van geest in materie’ en vice versa. Als geest door geluid in materie kan worden omgezet, dan kan materie, ook weer door geluid, geest worden. Geluid werd bijna altijd en overal gebruikt als het middel om het pad van transcendentie te betreden: om materie weer in geest te transformeren. Dit kun je in die zin letterlijk opvatten dat je het geluid van een voorwerp kunt gebruiken om het kapot te maken. Als je bijvoorbeeld naar het geluid van een wijnglas luistert, en je zingt datzelfde geluid terug naar het glas, kun je het met je stem breken. Je kunt dus een bepaalde vorm door geluid uiteen laten vallen. Dat zou je lichamelijk kunnen doen, maar je kunt het ook geestelijk transformeren.

Binnen de Tibetaanse Dzogchen-traditie stelt men zich tot doel om in een staat van contemplatieve ontspanning te geraken en een integer leven te leiden zodat de implicaties van onze handelingen op ieder moment duidelijk en helder zijn, waardoor je je als een vis in het water van de werkelijkheid voelt. Zoals het meedrijven op de golven van de Tao: we laten geen spoor na, we leiden een onberispelijk bestaan, zonder verstoringen te veroorzaken. Als je het om wat voor redenen dan ook niet kunt, heb je misschien een blokkade of een energetische storing. Misschien dat een of ander probleem je bezighoudt, dat je ervan afhoudt. In dat geval kun je bepaalde handelingen verrichten om het gemakkelijker te maken de blokkade te doorbreken. Er zijn vele verschillende methodes. En daarbij wordt geluid vaak gebruikt om een heldere en contemplatieve staat te bereiken.

Mantra

Ook in India is de stem heel belangrijk als transformatiemiddel. Waarschijnlijk wordt de stem in India -en natuurlijk ook in Tibet- het meest in mantra’s gebruikt. Mantra’s zijn sacrale geluiden van zulke oude talen dat men van sommige woorden de betekenis niet meer kent. Er zijn bepaalde geluiden voor specifieke ziektes of problemen en er zijn mantra’s die je in een staat van helderheid of leegte brengen. Andere mantra’s brengen je op dezelfde golflengte als leraren van je eigen geestelijke stroming. Als je die gebruikt dan kom je met hen in contact en deel je hun kundigheid. Je maakt contact met alle mensen die die mantra ooit hebben gebruikt.

Mantra’s worden over de hele wereld gebruikt, ook bijvoorbeeld bij de soefi’s, de mystici van de Islam. Zij combineren bepaalde vormen van mantra-zingen met ritmische bewegingen van het lichaam en met een ritmische ademhaling om zo in staat van transcenderende extase of geestelijke verrukking te geraken.

De meeste liturgien worden gezongen, ook in de christelijke kerken. Als wij tijdens de verschillende zondagsdiensten gezamenlijk psalmen, hymnen, invocaties en gebeden zingen, brengt dit ook een bepaalde vorm van vervoering teweeg. Als je ophoudt met praten en begint te zingen, gebeurt er iets heel interessants. Door te zingen kun je je met iedereen verenigen. Waarom heeft elk land een volkslied?

Een Sjamanistische Basis: de bevrijding van de stem De grote wereldgodsdiensten hebben zich aan de plaatselijke sjamanistische tradities, die honderdduizenden jaren ouder waren, toegevoegd.

Veel sonische yoga-praktijken bestonden in Tibet en India al lang voor het Boeddhisme. De zangoefeningen, de ritmische lichaamsbewegingen en de ritmische ademhaling zijn zeer oude methodes die door de grote wereldgodsdiensten werden overgenomen.

De Dansende Derwisjen passen deze methodes ook toe. Ze bewegen zich spiraalsgewijs, roteren terwijl ze ademhalen en bidden op het geluid van de fluit die veel op de menselijke stem lijkt. Ze zeggen dat het lichaam van een derwisj is ‘als het lichaam van een fluit waar God doorheen blaast’. Na een aantal verschillende tradities te hebben bestudeerd, besloot ik uiteindelijk om les te gaan geven. Het was mij duidelijk geworden dat er overeenkomsten waren in de principes en het leek mij belangrijk te proberen deze gemeenschappelijke principes te begrijpen en ze zo over te dragen, dat mensen die zich van hun eigen traditie vervreemd voelden, ermee geholpen zouden zijn. Als we weten hoe we onze stem kunnen gebruiken, kunnen we profiteren van alle wijsheid van onze voorgangers. We kunnen dit luisterrijke gereedschap, dat we altijd bij ons dragen, herontdekken.

We gebruiken onze stem meestal volkomen onbewust maar we zouden haar, zoals in alle tradities, voor onze eigen transformatie kunnen gebruiken. Als je de stem kunt bevrijden, kun je een mens bevrijden. Het is ons expressiemiddel. Zo worden we ons bewust van onze ademhaling en door onze adem kunnen we met de wereld communiceren. We ademen de wereld in en we ademen onszelf in de wereld uit; het is een constante wisselwerking die meestal onbewust gaande is. Door de stem te gebruiken word je je hiervan bewust. Als je weet wat je doet, kun je deze wisselwerking volledig veranderen. Ik leer de mensen verschillende ademhalingstechnieken, omdat ademhalen op zich een kunst is die grote nauwkeurigheid vereist. Je gebruikt verschillende ademhalingstechnieken afhankelijk van de staat waarin je wilt verkeren, de ervaring die je wilt hebben, of het deel van jezelf waarmee je kontakt wilt maken. Dat luistert heel nauw.

In de eerste plaats moet je gewoon leren ademhalen. Bovendien probeer je de ademhaling te veranderen om te zingen en zing je om je ademhaling te ontwikkelen. Vervolgens doe je allebei tegelijk zodat je je babbelzieke geest het zwijgen oplegt en in de natuurlijke staat van de geest zelf kunt zijn. Als je probeert het denken uit te schakelen, moet je de ademhaling omlaag brengen.

Gewoonlijk ademt men te snel en te hoog en ligt er teveel nadruk op de inademing. Een snelle, hoge, geconcentreerde inademing is wel effectief bij ‘rebirthing’-technieken, waarbij hyperventilatie gebruikt wordt om emotioneel materiaal bloot te leggen. Maar als je dieper wilt reiken dan het emotionele vlak en voorbij de activiteit van de denkende geest wilt komen, ‘verlaag’ je de ademhaling en werk je vooral met de uitademing. Je kunt op allerlei manieren de ademhaling verdiepen zodat het gehele ademhalingspatroon verandert.

Na het ademhalen laat ik de mensen luisteren. Niet alleen is het maken van geluid belangrijk, het is essentieel om in staat te zijn ernaar te luisteren. Hiermee sluit je een kringloop van aandacht, waardoor je voorbij de denkende geest kunt komen. Daarnaast leer ik de mensen om tegelijkertijd te luisteren en geluid te maken. Vervolgens leer ik ze hoe je geluid kunt gebruiken om jezelf te bevrijden van het patroon van angsten dat door iedere zintuiglijke ervaring opgeroepen en gevoed wordt.

Iedere waarneming stelt het proces van naamgeving (taal en gedachte) in werking en daardoor ook de vergelijking in de tijd met verleden en toekomst. Zo worden wij door ons verdriet en onze angsten onmiddellijk van het heden afgesloten. Deze taaie, negatieve gedachtenpatronen tasten eerst onze emotie en onze energie aan en veroorzaken vervolgens zulke wezenlijke veranderingen op de zwakke plekken in het lichaam, dat ze uiteindelijk pathologisch kunnen worden. Als je geluid gebruikt om het morfogenetische veld van iemand te bewerken, dat wil zeggen het resonerende potentiele model van de eigen gezonde staat, dan kun je die persoon gezond houden. In het Engels betekent ‘sound’ behalve geluid ook gezond, een interessante verwijzing in de taal naar de invalshoek waaruit ik werk: ik probeer het instrument, dat de mens is, te stemmen. Iemand ‘gestemd’ houden is hem gezond houden.

Je eigen geluid

Het is mogelijk om je eigen geluid te vinden. Iedereen heeft zijn eigen unieke geluid en ik demonstreer in mijn workshops hoe dat te ontwikkelen is en hoe je daarmee je hele wezen in resonantie kunt brengen. Je stem hoort dan lager te worden, vol resonantie en veel rijker, zodat je helemaal meetrilt wanneer je je stem gebruikt. De ziel van het geluid kan zich openbaren als je in je eigen geluid opgaat en in ‘harmonische boventonen’ zingt. De laatstgenoemde werkwijze heeft een oude sjamanistische oorsprong. Het brengt de kern van het geluid naar buiten in afzonderlijke noten, die meeklinken boven de toon die je zingt. Hiervoor zijn bepaalde tongbewegingen nodig.

Het is een magische gebeurtenis, of je het nu alleen doet of met een groepje mensen. Je voelt je alsof je engelachtige wezens oproept -waarvan men begrijpelijkerwijs in de oudheid en in de middeleeuwen dacht dat ze geluid voortbrachten. Maar: de bewegingen van de tong zijn direkt aan het denken gekoppeld. Je maakt gebruik van je tong om te differentieren en hoorbare klanken van je eigen stem te maken, klanken die daarvoor ongedifferentieerd en onbewust waren. Daarmee stimuleer je ook weinig gebruikte zenuwbanen.

Mijn doelstelling is niet gering. Ik ben van mening dat op dit historische punt in tijd, niets minder dan een transformatie van de mensheid nodig is en ik zal alles doen wat ik kan om van die mogelijkheid een werkelijkheid te maken. Aangezien de stem een transformatie- instrument is dat we altijd bij ons hebben, is het een van de krachtigste en bruikbaarste middelen.

Een Experiment met Kinderen

Kort geleden gaf ik in een zomercursus les aan een groep leraren. Wij bespraken hoe de ‘samenkomst’ op hun scholen hen in verlegenheid bracht. Scholen hebben nog steeds iedere ochtend in de aula een samenkomst en er zijn nogal strikte instrukties omtrent christelijke gebeden. Voornamelijk omdat ze zelf in een humanistische periode van modernisme naar school gingen, weten de leraren hier geen raad mee, maar ze zijn wel verplicht er aan deel te nemen.

Het werkelijke doel van deze samenkomst is de leerlingen en leraren van de school op iets hogers dan zichzelf af te stemmen. Daarom is het heel belangrijk, maar de waarde ervan is eigenlijk in een zee van verwarring en verlegenheid ten onder gegaan. Die verlegenheid is ten dele het produkt van de overweldigende humanistische stroom die als een interessant modeverschijnsel onder intellectuelen begon en die nu alomtegenwoordig is. Ook speelt het interkerkelijke en interculturele karakter van de hedendaagse scholen een rol; christelijke gebeden zijn tactloos tegenover een Hindoe, een Jood of een Moslim. Als gevolg van deze verwarring is de oorspronkelijke bedoeling verloren gegaan.

Ik bracht het idee naar voren dat het mogelijk moest zijn om de ‘samenkomst’ opnieuw te gebruiken om de hele gemeenschap op elkaar af te stemmen en daarbij geluid te gebruiken zoals het altijd gebruikt werd, maar op een niet-confessionele manier. Ik sprak er in die zomercursus met verschillende mensen over en zij dachten dat het misschien met bepaalde leeftijdsgroepen mogelijk zou zijn. Ik schonk er verder geen aandacht meer aan.

Ik kwam terug in Londen en in de eerstvolgende workshop zaten vijf leerkrachten. Het was alsof hetgeen alleen nog maar een voornemen was, van het ene op het andere moment verwezenlijkt werd. Er waren twee mensen die muziek doceerden aan scholen in Noord-Londen, een ambtenaar in het centrum van Londen, belast met toezicht op muziekonderwijs, een leerkracht die met geestelijk gehandicapte kinderen werkte en een Montessori-leerkracht, allemaal in dezelfde workshop. Ik was hierdoor zo verrast dat we over de mogelijkheden van de samenkomst begonnen te praten en ik lanceerde mijn idee.

Een week later werd ik uitgenodigd om op een basisschool in Noord-Londen les te geven, ‘s ochtends aan tienjarigen en ‘s middags aan zevenjarigen. De hoofdonderwijzeres had erover gehoord en was zeer geinteresseerd. De twee onderwijzers van de klassen die ik les zou geven en vele andere geinteresseerden waren bij het experiment aanwezig. Omdat het de eerste keer was dat ik ooit aan kinderen lesgaf, was het beangstigend om zoveel getuigen te hebben en ik vond het heel spannend.

De kinderen wisten onmiddellijk waar het om ging. Ze stelden zeer nauwkeurige en briljante vragen. Ze drongen meteen tot de kern door. Ze snapten precies wat er gebeurde. Ze waren volkomen spontaan. Ik vroeg ze hun ervaringen te beschrijven tijdens het horen van bepaalde geluiden, klanken, harmonische boventonen, enz. Wat ze verder vertelden waren voor mijn gevoel eerder visioenen dan beschrijvingen. Ik verwachtte dat ze elkaar zouden napraten, dat ze zouden zeggen ‘nou, dat had ik ook’, maar daar was geen sprake van. Ieder verhaal was volkomen anders, maar kwam toch voort uit een gemeenschappelijke ervaringsbron. De kinderen hadden echte kosmische visioenen gehad en zij waren er zelf opgewonden over. In het tweede gedeelte van de les beeldden de kinderen hun ervaringen uit door ze te schilderen. De aanwezige onderwijzers waren zeer verbaasd over wat er was gebeurd. Ze zeiden dat ze de kinderen nog nooit zo spontaan hadden gezien. Kinderen die zelden iets zeiden, voerden nu het hoogste woord met het uitleggen van hun ervaring. En toen ze zelf gingen schilderen, was ik zeer ontroerd bij wat ik zag. Uit het donker sprongen heldere regenboogkleuren te voorschijn, verchenen verlichte golven en balken met lichtballen die in de ruimte zweefden. Buitengewone schilderijen, zonder meer - en de kinderen waren zelfs daarna nog zo opgewonden dat ze niet wilden ophouden en doorgingen met gedichten erover te schrijven. Wat de ouders later vertelden was ook verrassend. Ze zeiden dat de kinderen uitbundig thuisgekomen waren, geheel vervuld van wat ze hadden ervaren.

Als je kinderen van jongs af aan deze ervaring meegeeft, kan het misschien echt mogelijk worden om de maatschappij te transformeren.

Jill Purce publiceerde The Mystic Spiral en Journey of the Soul. Zij leerde, vooral van de Tibetanen, geluid te gebruiken als middel tot transformatie en om een staat van helderheid en contemplatie te bereiken. Zij geeft regelmatig workshops. Inlichtingen hierover: schrijven naar Jill Purce, 20 Willow Road, London NW3, England.


Sign Up to Newsletter